Lid worden?Inloggen
Wachtwoord vergeten?

Onderwijs

Onderwijs

Evaluaties van het onderwijs

Coschappen evalueren en verbeteren d.m.v. Co-lunches

Huidige situatie
Tijdens de co-lunches krijgt de masterfunctionaris input van coassistenten over een coschap in een ziekenhuis. Hierdoor kunnen klachten en verbeterpunten worden geïnventariseerd en gelijkheid van onderwijs worden nagestreefd. Bij de digitale evaluaties valt het op dat er soms grote verschillen tussen de ziekenhuizen zijn waarin VUmc-coassistenten stage lopen. Om deze verschillen beter te kunnen verklaren is de co-lunch een extra laagdrempelig evaluatiemoment. Hier zal de Co-Raad met de studenten uiteenlopende onderwerpen bespreken, van praktische zaken zoals een introductiedag en computerfaciliteiten, tot inhoudelijke zaken zoals onderwijs of het aantal patiënten dat zelfstandig wordt gezien. Tevens zal hier worden gesproken over het nieuwe digitale portfolio. In 2018-2  zijn verschillende co-lunches georganiseerd en erg nuttig bevonden. Komend halfjaar moeten de co-lunches doorgezet worden, we streven naar 2-3 co-lunches per halfjaar. 
Doelstellingen
Het inventariseren van verbeterpunten van coschappen op locatie in gesprek met coassistenten. 
Realisatie
In komend halfjaar willen we 2-3 co-lunches organiseren. De KTO-lunches zijn in 2019-1 voor het jaar 2019 allen afgerond (zie het volgende beleidsplan). Van binnengekomen ideeën ter verbetering/klachten zullen de coschaplocaties op de hoogte gesteld worden. Uit eerdere ervaringen is gebleken dat coschaplocaties positief staan tegenover de co-lunch en wordt deze ook door coassistenten gewaardeerd. Eerder is er al gebrainstormd over nieuwe locaties, hieruit kwamen Waterlandziekenhuis (gyn/kind, interne, neuro), VUmc (gyn/kind, neuro), AMC (derma). 
Financieel
Hiervoor zijn geen financiële middelen nodig. 
Evaluatie
Kleine geschillen worden besproken met de coördinatoren van het betreffende ziekenhuis, bij duidelijke problematiek wordt dit besproken met dr. Daelmans en evt. met het IOO. Input over het digitale portfolio wordt teruggekoppeld naar de werkgroep Professionele ontwikkeling. Aan het eind van dit halfjaar zullen we met de bestuursleden evalueren of het gelukt is om 2-3 co-lunches te organiseren op locatie. Indien dit niet gelukt is, moet er geëvalueerd worden waarom het niet lukt. 

Verantwoordelijk bestuurslid: Pam Molenaar

Klinisch trainings onderwijs evalueren en verbeteren d.m.v. KTO-lunches

Huidige situatie
De verschillende KTO-locaties verschillen erg van elkaar qua inhoud en begeleiding.  Reeds zijn er in 2019 op alle locaties KTO-lunches georganiseerd en aan de hand daarvan is naar iedere locatie een verslag gestuurd met adviespunten ter verbetering. 
Doelstellingen
Het vergelijken van verschillende KTO-coschappen, inventariseren van klachten en meenemen wat goed gaat. 
Realisatie
Dit zal in 2020 geëvalueerd worden. Het bestuur 2019-2 zal nog wel vervolgen of wij de KTO-richtlijnen ontvangen van mw. Daelmans. Dit is reeds met mw. Daelmans besproken. Zie tevens het halfjaarverslag 2019-1.
Financieel
Hieraan zijn geen kosten verbonden. 
Evaluatie
In 2020 zal geëvalueerd worden of de verbeterpunten zijn opgepakt. 

Verantwoordelijk bestuurslid: Vazula Bekkers

Evalueren farmacologie onderwijs in de masterfase

Huidige situatie
Op dit moment zijn er verschillende momenten dat er farmacologie-onderwijs wordt gegeven in de masterfase. Tijdens het VCP zijn er drie lesmomenten farmacologie en tijdens de KTO terugkomdagen meestal een. De inhoud van deze lessen zijn in het VCP veelal herhaling van onderwerpen die in de bachelor aan bod zijn gekomen. 
Doelstellingen 
Het in kaart brengen van de behoefte aan meer/minder/gelijke hoeveelheid farmacologie-onderwijs middels bijvoorbeeld het CGV. Daarnaast eventueel optimaliseren van het farmacotherapie-onderwijs in de masterfase door advies te geven naar aanleiding van onze evaluatie. 
Realisatie
De eerste stap zal zijn het inventariseren van de mening van de coassistenten over het farmacotherapie onderwijs in de masterfase. Dit zal tijdens het CGV gedaan worden door het voorleggen van de stelling: ‘het farmacologie-onderwijs in de master geeft mij voldoende voorbereiding voor het coschap’. Mocht hieruit blijken dat er tekortkomingen zijn in het huidige farmacologie onderwijs dan zal dit opgenomen worden met de sectie farmacologie om te kijken of hier wat in het huidige, dan wel nieuwe curriculum aan gedaan kan worden. We kunnen dit tevens meenemen in gesprekken omtrent de vormgeving van het nieuwe curriculum.
Financieel
Voor dit beleidspunt is geen financiële bijdrage nodig.
Evaluatie
Initieel zal er een evaluatie van het huidige farmacologie-onderwijs plaats moeten vinden. Dit is iets wat in dit jaar gerealiseerd kan worden. Mochten er veranderingen in het farmacologie-onderwijs doorgevoerd gaan worden dan zullen deze door middel van het CGV, KTO-/co-lunches en in de evaluatieformulieren van de coschappen geëvalueerd worden. 

Verantwoordelijk bestuurslid: Bas van Wijk

Persoonlijke ontwikkeling

Persoonlijke ontwikkeling in de masterfase 

Huidige situatie
Op dit moment heerst er een grote werkdruk bij coassistenten en is burn-out geen onbekend probleem. Er zal worden gekeken naar de werkdruk die wordt opgelegd door opleiding, maar hiernaast wordt er niet gekeken naar hoe de coassistent om kan gaan met deze druk. De medische psychologie is bezig met het implementeren van enkele practica tijdens het VCP welke gaan over assertiviteit van de coassistent en hoe om te gaan met introvertheid of extravertheid van de coassistent. Echter wordt er al vanuit gegaan dat de coassistent precies weet wie hij/zij is, hoe hij/zij met problemen omgaat en hoe hij/zij zich uit op de werkvloer, terwijl er nog geen ervaring is en veel coassistenten hier nooit over hebben nagedacht. 
In 2019-2 is er overlegd met Ursula Klumpers, A Broader Mind en Academy Coaching. Ursula Klumpers is bezig met het maken van een nieuwe leerlijn Professionele Ontwikkeling waar vanuit de studenten nog is benadrukt dat persoonlijke ontwikkeling zeker een rol speelt. A Broader Mind en Academy Coaching bieden allebei niet een passend pakket voor coassistenten wat wij zoeken, of het is te duur. 
Doelstellingen 
Door beter stil te staan bij de persoonlijkheid van een coassistent, door middel van een test of een gesprek met een medische psycholoog, kan een coassistent erachter komen waar zijn/haar valkuilen liggen en hoe hij/zij hier het beste mee om kan gaan. Hierdoor kan ook stil worden gestaan bij het herkennen van een toekomstige burn-out en preventieve maatregelen hiervoor. 
Realisatie
Actief betrokken blijven bij de het ontwikkelen van de nieuwe leerlijn Professionele Ontwikkeling zodat hier voldoende aandacht komt vanuit de opleiding voor persoonlijke ontwikkeling. Een idee voor later is om workshops te organiseren vanuit de Co-Raad over dit onderwerp. Verder kan er nog gebrainstormd worden in hoeverre wij dit nog meer kunnen veranderen binnen de opleiding. 
Financieel
Geen financiële hulp van de Co-Raad. 
Evaluatie
Evaluatie van dit beleidsplan zal pas plaats kunnen vinden zodra de nieuwe master is gestart. Dit zal gedaan worden middels de CGV bijeenkomst en het master forum zoals al reeds gebeurt bij het huidige curriculum. 

Verantwoordelijk bestuurslid: Bas van Wijk

Mentorschap tijdens coschappen

Huidige situatie
Tot nu toe is gebleken dat niet elke coassistent bij een coschap een begeleider/mentor heeft. Reeds is er een plan opgesteld en in overleg met mw. Daelmans naar de coschap coördinatoren gestuurd. Zie voor meer informatie het halfjaarverslag van 2019-1. 
Doelstellingen
Een betere begeleiding en kijk op het leerproces van een coassistent op locatie door middel van een vaste begeleider per coassistent. Incl openingsgesprek, tussenbeoordeling en eindbeoordeling.
Realisatie
In het CGV van december zal worden gepeild of het mentorsysteem op meer coschap locaties wordt gebruikt naar aanleiding van het plan dat is verstuurd naar alle coschap coördinatoren. In september of oktober zullen de mentorschappen geëvalueerd worden met mw. Daelmans, gezien zij het plan met de coördinatoren tegen die tijd heeft besproken. 
Financieel
Hiervoor zijn geen financiële middelen vanuit de Co-Raad nodig.
Evaluatie
Na overleg met Hester Daelmans wordt de uitslag besproken in de vergadering waarna eventueel actie kan worden ondernomen.

Verantwoordelijk bestuurslid: Vazula Bekkers

Didactiek in de kliniek

Huidige situatie
Tijdens de master geneeskunde is er op dit moment bijna geen ruimte voor de studenten om zich didactisch te ontwikkelingen, terwijl kennis overdragen tijdens een verdere carrière als arts een grote rol zal spelen. Als arts zal iedereen minder ervaren artsen begeleiden, of dit nou coassistenten of artsen in opleiding tot specialist zijn. Het is belangrijk voor de kwaliteit van de beroepsgroep dat artsen ook daadwerkelijk in staat zijn om hun kennis op een goede manier over te dragen. Dit is iets waar veel artsen begeleiding en onderwijs in nodig hebben, omdat het niet voor iedereen een vanzelfsprekende kwaliteit is. Het mooiste zou zijn als er tijdens de master een traject voor alle artsen in de master geïmplementeerd wordt, zodat daadwerkelijk alle artsen didactisch bekwaam zijn. Op dit moment is er geen centraal didactisch onderwijs in de master, wat zonde is.

Recente ontwikkelingen: naar aanleiding van verschillende gesprekken met Anita Jacobs zijn er plannen om voor de master een intra-curriculair didactisch onderwijsprogramma op te zetten voor masterstudenten, waarin zij zich kunnen bekwamen in het geven van onderwijs. Het idee is om ze onder andere tijdens hun verdere carrière hier handvatten voor te geven. Het idee is om dit bijvoorbeeld tijdens het keuze-coschap te kunnen kiezen. Over de daadwerkelijke uitwerking hiervan moet nog worden nagedacht. Wij, als Co-Raad, zijn gevraagd om hier zitting in te nemen en een bijdrage hieraan te leveren. Wij zullen actief meedenken waarin wij voorop proberen te stellen dat alle coassistenten in aanraking komen met didactiek in de kliniek.

Afgelopen halfjaar, 2019-1, is er wederom contact geweest met Anita Jacobs, om te kijken naar de stand van zaken. Er is een afspraak gemaakt, welke uiteindelijk niet doorgegaan is. Er is momenteel mailcontact voor een nieuwe afspraak, waar de nieuwe masterfunctionarissen ook bij zullen zijn.
Doelstellingen
Zorg dragen voor meer ruimte voor didactisch onderwijs, onder andere door actief mee te denken in het ontwikkelen van een didactisch onderwijsprogramma voor coassistenten.
Realisatie
Zitting nemen in de ontwikkeling van het onderwijsprogramma en op andere manieren de relevantie van didactiek in de kliniek blijven benadrukken. Alle masterfunctionarissen zullen actief zitting nemen in deze bijeenkomsten.
Financieel
Vanuit de Co-Raad zijn hier geen financiële belangen mee gemoeid.
Evaluatie
Vorderingen in de opgezette werkgroep zullen ter sprake worden gebracht bij de BV. Naar aanleiding hiervan zullen we beoordelen of de doelen die wij nastreven wat betreft de didactiek in de kliniek voldoende gehaald worden. Daarnaast bestaat de mogelijkheid om eventuele plannen voor te leggen en te bespreken in een CGV en hierop feedback te verkrijgen over de ideeën.

Verantwoordelijk bestuurslid: Pam Molenaar

Onderwijskwaliteit

Lange termijn kwaliteit VCP 

Huidige situatie
Voorafgaand aan het het coschap interne geneeskunde volgen alle coassistenten een voorbereidend coschap. Dit voorbereidende coschap duurt zes weken en is erop gericht om de studenten de mogelijkheid te bieden de anamnese en het lichamelijk onderzoek te oefenen. Tijdens deze lessen wordt er ook aandacht besteed aan het interpreteren van bepaalde bevindingen en wordt er geoefend met klinisch redeneren en het schrijven van een status. Tot slot wordt de coassistent een aantal praktische vaardigheden aangeleerd, waaronder infuus prikken en het inbrengen van een katheter. Aan het einde van de 6 weken moet de coassistent een toets afleggen, welke voldaan moet worden om te mogen starten met het coschap interne geneeskunde. Direct na het voorbereidend coschap wordt deze geëvalueerd door de studenten middels een vragenlijst. Het voorbereidend coschap wordt over het algemeen zeer goed beoordeeld door de studenten tijdens deze evaluatie. Echter hebben de studenten op dit moment nog geen coschap gelopen en kunnen zij zich moeilijk een voorstelling maken van wat ze aan deze zes voorbereidende weken hebben gehad. Een later evaluatiemoment van het voorbereidend coschap is er tot op heden niet. 

Tijdens een overleg met mevrouw Daelmans is al naar voren gekomen dat zij vindt dat er ruimte is voor vernieuwing en verbetering binnen het voorbereidend coschap. Momenteel vinden er sollicitaties plaats voor een nieuwe verantwoordelijke voor het voorbereidend coschap. Indien er uit de nieuwe, latere evaluatie van het voorbereidend coschap blijkt dat de studenten het voorbereidend coschap toch niet zo waardevol beoordelen als bij de eerste evaluatie, dan is dit een uitstekend moment om met de nieuwe coördinator te kijken naar nieuwe mogelijkheden. 

Tijdens het vorige halfjaar, 2019-1, is er contact geweest met Karin Ebels, de nieuwe coördinator van het VCP-onderwijs. Zelf heeft zij in 2016 haar coschappen afgerond en zit dus nog niet zo heel erg ver van de studenten af. Zij is erg enthousiast over het verbeteren van het VCP en wil heel graag input van de studenten hierover. Pam heeft een eerste ontmoeting gehad, waar al kort gebrainstormd is over eventuele hervormingen van de inhoud van het onderwijs. Ook zag Karin toekomst in het houden van een tweede evaluatie om ook de mening en ideeën van coassistenten verder in het coschap mee te kunnen nemen. 
Doelstellingen
Nieuwe evaluatie VCP-onderwijs opstellen aan de hand van een brainstorm
Realisatie
Als Co-Raad kijken naar het huidige VCP-rooster en kijken op welke vlakken er ruimte is voor verbetering. Aan de hand hiervan en losse ideeën die we samen bedenken in gesprek gaan met Karin Ebels en kijken naar mogelijkheden. Samen zal er vervolgens een nieuwe evaluatie opgesteld worden voor het VCP, welke uiteindelijk gepresenteerd zullen worden aan Hester Daelmans. 
Financieel
In beginsel is er geen aanleiding dat er financiële ondersteuning nodig is.
Evaluatie
Op basis van de uitkomsten van deze evaluatie kan er gekeken worden of de resultaten uit de eerste evaluatie veranderd zijn. Indien er discrepanties aangetoond kunnen worden moeten deze besproken en geëvalueerd worden met de nieuwe coördinator. In samenwerking kan er mogelijk een werkgroep opgezet worden die zal gaan brainstormen over een andere invulling van het voorbereidend coschap die mogelijk meer toevoegt aan de rest van de master of loopbaan als arts.

Verantwoordelijk bestuurslid: Pam Molenaar

Mogelijkheid tot oefenen van klinisch redeneren uitbreiden

Huidige situatie
Een van de aandachtspunten dit jaar zal zijn om het klinisch redeneren uit te breiden, door mogelijk de e-books uit te breiden. Momenteel zijn de e-books erg beknopt geschreven. Vaak vergelijkbaar met de informatie die je ook op wikipedia zou kunnen vinden. 
Doelstellingen 
Het zou mooi zijn als er naast de huidige informatie die in de e-books te vinden is, ook nog mogelijkheid is voor studenten om te oefenen met klinisch redeneren alvorens zij starten met het desbetreffende coschap. De e-book zijn op dit moment nog niet ingericht op klinisch redeneren en daarom is ons doel om meer mogelijkheid tot klinisch redeneren aan te bieden aan coassistenten. 
Realisatie
Een mogelijkheid om dit doel te verwezenlijken is om de e-books uit te breiden met kopjes als ‘casuïstiek’. Ook zit er geen component ‘klinisch redeneren’ in de huidige e-books en juist dat zou een mooie toevoeging zijn aan de voorbereiding op het coschap. Op Erasmus zijn er al dit soort Klinisch Redeneer opgaven, die ongeveer 45-60 minuten duren en voortborduren op de e-modules. Een andere mogelijkheid is om losse zelfstudieopdrachten aan te bieden op canvas om per klacht het klinisch redeneren te oefenen. 
Financieel
Wij verwachten dat er voor de Co-Raad geen kosten gebonden zullen zijn aan dit beleidsplan.
Evaluatie
We zullen gedurende het CGV vragen aan de coassistenten wat zij vinden van dit plan. Tevens zal hen gevraagd worden of ze toevoegingen hebben. Indien er daadwerkelijk meer materiaal aangeboden wordt ter oefening van het klinisch redeneren zal dit gedurende het CGV worden geëvalueerd bij onze leden.

Verantwoordelijk bestuurslid: Vazula Bekkers

Duidelijkheid omtrent huisvesting bij verre coschap locaties 

Huidige situatie
Het is niet ongebruikelijk dat coassistenten voor hun coschappen worden geplaatst in een ziekenhuis dat moeilijk te bereiken is vanuit Amsterdam, zoals Den Helder, Delft of Beverwijk. Dit maakt dat het een moeilijke opgave wordt op tijd te komen voor de overdracht voor coassistenten die niet in de buurt wonen en geen auto in bezit hebben . Sommige coassistenten kiezen ervoor om dubbele huur te betalen of een auto te huren, omdat ze niet weten dat er mogelijkheden zijn ter huisvesting.
Doelstellingen
We zouden graag meer duidelijkheid willen creëren voor coassistenten wat betreft de huisvesting voor de desbetreffende verre coschappen. 
Realisatie
Voor sommige coschappen zijn er momenteel mogelijkheden voor een hotelkamer of piketkamer bekend, zoals in Den Helder. Echter, in sommige steden zoals Beverwijk zijn deze er wel, maar is dit niet bekend bij de Medische faculteit. Wij zouden graag meer duidelijkheid willen creëren voor coassistenten en studieadviseurs in wat de mogelijkheden zijn wat betreft de huisvesting voor verre coschappen. Als duidelijk is waar allemaal mogelijkheden zijn voor piketkamers, zullen we dit op de site plaatsen en de studieadviseurs hierover informeren.
Financieel
Er zullen geen kosten aan dit beleidsplan verbonden zijn.
Evaluatie
Aan het einde van het halfjaar zullen we door middel van een enquête of in het CGV evalueren bij coassistenten of er meer duidelijkheid is omtrent huisvesting voor coschappen.

Verantwoordelijk bestuurslid: Vazula Bekkers

Academische vorming

Academische vorming & KTO-terugkomdagen

Huidige situatie
Tijdens het KTO vindt er eens per week een zogenoemde ‘terugkomdag’ plaats. Hier wordt onderwijs gegeven in collegevorm, waarbij getracht wordt relevante onderwerpen voor dat coschap nogmaals uiteen te zetten. In de praktijk blijken deze terugkomdagen echter wat rommelig te verlopen. Artsen en artsen in opleiding komen niet altijd met een voorbereid verhaal en de inhoud van de colleges is soms iets wat al vaak aan bod is gekomen in eerder onderwijs. Het niveau van het onderwijs ligt rond het niveau van de bachelor en mist vaak een wetenschappelijk kader.

Onder universiteiten is er geïnventariseerd wat studenten vinden van de academische vorming binnen de master. Door studenten van de VU werd dit niet goed beoordeeld. Het academisch vormen van studenten behoort niet tot de kernpunten van de KTO-terugkomdagen, terwijl deze dagen daar goed voor gebruikt kunnen worden. In overleg met mevrouw Daelmans kwam naar voren dat zij al bezig is met het verbeteren van de academische vorming binnen de master. Er zal een denktank opgericht worden waar wij als Co-raad ook deel van uit mogen maken om onze input te geven.
Doelstellingen
Als arts zul je tijdens de rest van je carrière te maken blijven hebben met wetenschap en de academie. Een deel zal zelf onderzoek gaan doen en wellicht promoveren, een ander deel zal uitkomsten van onderzoeken lezen en interpreteren om een zo goed mogelijke arts te worden. De master zou een plek moeten zijn om de toekomstig artsen hierop voor te bereiden en te prikkelen. De KTO-terugkomdagen zouden een mooie plaats zijn om dit te doen. Door een wetenschappelijk kader rond deze dagen te vormen komen de studenten in de master meer in aanraking met de wetenschap en het belang binnen de geneeskunde hiervan. Binnen dit wetenschappelijk kader is er ruimte voor onderwerpen die aansluiten op het komende coschap. 
Realisatie
Om dit te realiseren moet er eerst nagedacht worden over de vormgeving van het wetenschappelijk kader. Bij de inventarisatie van de beoordeling van academische vorming binnen de master per universiteit bleek dat de studenten van de Erasmus universiteit als enige een positief oordeel gaven. Om inspiratie op te doen voor onze versie van academische vorming in de master kan er gekeken worden naar de invulling hiervan door de Erasmus universiteit. De VU heeft momenteel al contact met het Erasmus hierover en het zou mooi zijn als wij ons als Co-raad hier ook in kunnen mengen. Door plaats te nemen in de denktank kunnen we onze stempel drukken op de hervormingen van de KTO-dagen en de rol van academische vorming hierin. 
Financieel
In principe zitten hier geen kosten aan verbonden. 
Evaluatie
Het tot een hoger academische niveau tillen van de KTO-terugkomdagen zal wat tijd kosten en het evalueren hiervan kan daardoor wel even duren. Het feit dat de VU zelf al bezig is met plannen om de dagen een nieuwe invulling te geven is positief, maar hoe snel dit gaat is moeilijk te voorspellen. Tijdens de denktank kan er gekeken worden naar de visie van andere betrokkenen en of dit strookt met wat wij belangrijk vinden. Wat wel al eerder geëvalueerd kan worden is in hoeverre er stappen gemaakt worden en onze rol daarin. 

Verantwoordelijk bestuurslid: Pam Molenaar

Voorbereiding voor Wetenschappelijke stage 

Huidige situatie 
Op dit moment zijn er geen voorbereidende weken voor je wetenschappelijke stage, echter is er in onder andere het CGV wel gebleken dat hier vraag naar is. Er is overleg geweest met Jos Twisk, die reeds een plan heeft opgesteld waar wij achter staan. Hij zal in overleg gaan met de masteropleiding en houdt ons hiervan op de hoogte 
Doelstellingen
Studenten meer voor te bereiden op wetenschappelijk onderzoek, wetenschappelijk schrijven, academische vorming en hierdoor meer te kunnen halen uit een wetenschappelijke stage. 
Realisatie
Er is reeds overleg geweest met Jos Twisk en is er tevens een plan opgesteld. Jos Twisk houdt ons op de hoogte van de vorderingen. Wij hebben hier een adviserende rol in. Indien wij eind juli nog geen terugkoppeling hebben ontvangen, zullen wij hier actief naar vragen. 
Financieel
Geen financiële hulp van de Co-Raad, waarschijnlijk wel vanuit de masteropleiding voor deze weken. 
Evaluatie
Indien het plan wordt geïmplementeerd kunnen wij  bij de leden evalueren hoe dit wordt ervaren.

Verantwoordelijk bestuurslid: Jesse de Vries en Vazula Bekkers

Alliantie VUmc & AMC

Alliantie AMC & VUmc

Huidige situatie
Sinds 2018 zijn het VUmc en het AMC druk bezig met het vormen van een alliantie, namelijk het Amsterdam UMC. Dit houdt in dat er veel zorg gelateraliseerd gaat worden en dat er afdelingen zullen verdwijnen en afdelingen toe zullen nemen in omvang. De eerste wave heeft al plaatsgevonden, waarbij de kinder IC, orthopedie, dermatologie en MMI naar het AMC zijn verplaatst. Oogheelkunde en longgeneeskunde zijn nu in het VUmc gehuisvest. 

Eind november 2019 zal er een tweede wave plaatsvinden. In deze wave zullen de afdelingen nefrologie, benigne gynaecologie en klinische reumatologie naar het AMC lateraliseren. Daar tegenover zal maag- en slokdarm oncologie binnen het VUmc ondergebracht worden. Voor de coassistenten van het VUmc zou dit betekenen dat er een onderdeel van het coschap interne geneeskunde zal verdwijnen op de VU. Voor benigne gynaecologie zal een groter onderdeel van het coschap verdwijnen. Met deze tweede wave ontstaat er dus een inhoudelijk probleem waarbij de vraag gesteld moet worden of de kwaliteit van het coschap nog wel voldoende gewaarborgd blijft. In het overleg met Hester Daelmans is dit aan de orde gekomen, waarbij naar voren is gekomen dat er vanuit de opleiding al aandacht besteed wordt aan dit probleem. Binnen de interne geneeskunde zou het verdwijnen van de nefrologie eventueel opgevangen kunnen worden door het komen van de maag- en slokdarm oncologie. Hoewel hierbij wel bedacht moet worden of er zonder nefrologie een volledig beeld van de interne geneeskunde gegeven kan worden. Abel Thijs houdt zich momenteel bezig met de vormgeving hiervan, waarmee nader contact nog plaats zal moeten vinden. Voor het coschap gynaecologie is door Hester Daelmans geopperd een deel van het coschap voor de coassistenten van het VUmc plaats te laten vinden in het AMC, opdat deze ook de benigne kant van de gynaecologie zien. 

Tot slot heeft de Co-Raad in het kader van de alliantie een samenwerking met de Studentenraad en Student-Assessor van het AMC geïnitieerd. Binnen deze samenwerking zullen er periodieke overleggen plaatsvinden waarin het reilen en zeilen van de alliantie besproken kan worden. Problemen kunnen aan elkaar voorgelegd worden en er kan samen naar oplossingen gekeken worden. Dit overleg is in principe opgezet voor de alliantie, maar dit overleg zou ook gebruikt kunnen worden voor andere zaken.
Doelstellingen
Het belangrijkste is dat de coassistent niet de dupe wordt van het verdwijnen van afdelingen en het proces daaromheen. Aan de ene kant moet er gezorgd worden dat coassistenten terecht komen op afdelingen waar genoeg patiënten zijn en er goede begeleiding en een prettige werkomgeving is. Aan de andere kant moet er gegarandeerd kunnen worden dat de coassistent zeker is van een vervangende locatie wanneer een afdeling verdwijnt. Daarbij hoort ook dat coassistenten tijdig op de hoogte gesteld worden wanneer dit het geval is en zij ook tijdig weten wat de nieuwe locatie zal zijn. 
Realisatie
Voor komend halfjaar zullen wij als Co-Raad nog steeds ontvankelijk zijn voor klachten betreffende de alliantie  vanuit de coassistenten. Indien we klachten ontvangen kunnen wij direct contact opnemen met Jan de Wolde. Jan de Wolde houdt ons op de hoogte van belangrijke ontwikkelingen, wij zullen niet actief op zoek gaan naar klachten rondom de alliantie. Voor komende wave is het belangrijk contact te houden met Hester Daelmans betreffende de coschappen interne geneeskunde en gynaecologie. Er zullen hervormingen komen in deze coschappen en als Co-Raad willen we daar graag nauw bij betrokken zijn. Tijdens een overleg met mevrouw Daelmans zullen wij kijken wat de stand van zaken is.
Financieel
Er zitten geen kosten aan verbonden. 
Evaluatie
Voor de start van de tweede wave zal er gekeken worden naar de invulling van de coschappen interne geneeskunde en gynaecologie. Van belang is dat deze coschappen divers en kwalitatief blijven, derhalve zal hierop gelet worden. Aan de hand van klachten van coassistenten zal geëvalueerd worden of de tweede wave goed is verlopen en zal er teruggekoppeld worden aan Jan de Wolde. 

Verantwoordelijk bestuurslid: Pam Molenaar

Nieuw curriculum

Meedenken vormgeven nieuwe mastercurriculum

Huidige situatie
Het huidige master curriculum is opgesteld in 2015, en achter de schermen zijn de verschillende onderwijsorganen bezig met het opstellen van het nieuwe curriculum. Hiervoor zullen er vanaf september verschillende brainstormsessies/vergaderingen plaatsvinden. Christa Boer heeft aangegeven dat zij graag de Co-raad meeneemt in deze overleggen om mee te denken over het nieuwe mastercurriculum. 
Doelstellingen 
Het bijwonen van de eerder genoemde brainstormsessies en vergaderingen en hierin de mening en belangen van de coassistenten te vertegenwoordigen. Hierbij zal er ook gestreefd worden naar een situatie waarin de coassistenten (M15 en het nieuwe curriculum) zo min mogelijk last hebben van de overgangsfase naar het nieuwe curriculum. Denk hierbij aan het zo kort mogelijk houden van de wachttijd voor de coschappen en ernaar streven dat de studenten op een van hun opgegeven intake-momenten kunnen starten.  
Realisatie
Door feedback te verzamelen van de coassistenten middels KTO- en co-lunches, het CGV, het masterforum en middels enquêtes, gaan wij een zo duidelijk mogelijk beeld te creëren van wat er op dit moment goed en minder goed gaat in het huidige curriculum. Deze informatie zal meegenomen worden in de overleggen over de vormgeving van het nieuwe curriculum.
Daarnaast worden er reeds na ieder coschap evaluatieformulieren naar coassistenten toegestuurd vanuit de opleiding. Er zal er een verzoek ingediend worden bij de opleiding om meer inzage te krijgen in die evaluatieresultaten. Op dit moment ontvangt de Co-Raad deze resultaten eenmaal per jaar. Verzocht zal worden om dit van eenmaal naar viermaal per jaar te veranderen. Het doel hiervan is om de informatie behapbaarder te maken en, als dit nodig is, hier eerder actie op te kunnen ondernemen. Resultaten hieruit zal de Co-raad tevens meenemen in de gesprekken over het nieuwe curriculum.

Het bijwonen van het IMS geeft ook de mogelijkheid om eventuele problemen binnen het huidige curriculum voor te leggen aan de andere Medische Faculteiten in Nederland. Dit biedt de mogelijkheid om van de ervaring van andere faculteiten te leren en deze mee te nemen in het opstellen van het nieuwe masteronderwijs.
Financieel
Voor dit beleidspunt is geen financiële bijdrage nodig. 
Evaluatie
Het evalueren van de het nieuwe curriculum in de masterfase zal in dit jaar helaas niet mogelijk zijn. Dit zal pas kunnen als het nieuwe curriculum voor de masterstudenten ingevoerd is. Het zal in die periode belangrijk zijn om de bestaande evaluatie momenten (o.a. de co-lunches en CGV) te behouden. Hier zal dan ook apart gevraagd worden naar de ervaring van de coassistenten over de overgangsfase en of zij op een van hun opgegeven intake momenten zijn gestart.
Wel zullen wij in de bestuursvergadering evalueren of wij vinden dat wij bij genoeg gesprekken aanwezig zijn geweest en of wij hierin voldoende worden betrokken. Indien nodig kunnen wij hier actie op ondernemen door betreffende contactpersonen te benaderen en te benadrukken dat wij graag meedenken. 

Verantwoordelijk bestuurslid: Bas van Wijk