U bent hier:

Onderwijs

Onderwijs

Evaluaties van het onderwijs

Coschappen evalueren en verbeteren d.m.v. Co-lunches

Huidige situatie
Tijdens de co-lunches krijgt de masterfunctionaris input van coassistenten over een coschap in een ziekenhuis. Hierdoor kunnen klachten en verbeterpunten worden geïnventariseerd en gelijkheid van onderwijs worden nagestreefd. Bij de digitale evaluaties valt het op dat er soms grote verschillen tussen de locaties zijn waar coassistenten stage lopen. Om deze verschillen beter te kunnen verklaren is de co-lunch een extra laagdrempelig evaluatiemoment. In 2019 zijn er een aantal co-lunches geweest en erg nuttig bevonden door zowel de coassistenten als de coschap locaties. Komend jaar willen wij de co-lunches voortzetten en een best-practice schrijven.  
Doelstellingen
Het inventariseren van verbeterpunten van de coschappen op locatie in gesprek met coassistenten, om hieruit een best-practice op te stellen als advies aan de locaties. 
Realisatie
In 2020 willen we 5-6 co-lunches organiseren. In het kader van de alliantie willen wij dit jaar een co-lunch organiseren voor de coassistenten die in het AMC geplaatst zijn voor hun coschappen, mogelijk in samenwerking met de Co-Raad UvA. Daarnaast willen wij een co-lunch organiseren voor semi-artsen en keuze-coassistenten om ook verbeterpunten te inventariseren over de semi-artsstages en de keuze-coschappen. Tot slot willen wij dit jaar een co-lunch organiseren voor coassistenten met een aangepaste masterprogramma, zoals een verlengd (deeltijd) programma, alternatief programma of dichtbijverklaring. Van binnengekomen ideeën ter verbetering/klachten zullen de coschap locaties op de hoogte gesteld worden. 
Financieel
Hiervoor zijn geen financiële middelen nodig. De lunch zal worden bekostigd door de locaties, evenals het beschikbaar stellen van een ruimte.
Evaluatie
Kleine geschillen worden besproken met de coördinatoren van het betreffende ziekenhuis en bij duidelijke problematiek wordt overlegd met Hester Daelmans en eventueel met het IOO. Aan het eind van 2020 zullen we met de bestuursleden evalueren of het gelukt is om 5-6 co-lunches te organiseren op locatie en indien mogelijk een best-practice schrijven. 

Verantwoordelijk bestuurslid: Shaya Mahadew

Klinisch trainings onderwijs evalueren en verbeteren d.m.v. KTO-lunches

Huidige situatie
De verschillende KTO-locaties verschillen erg van elkaar qua inhoud en begeleiding. Reeds zijn er in 2019 op alle locaties KTO-lunches georganiseerd en aan de hand daarvan is naar iedere locatie een verslag gestuurd met adviespunten ter verbetering. 
Doelstellingen
Het vergelijken van verschillende KTO-coschappen, inventariseren van klachten en meenemen wat goed gaat. 
Realisatie
In 2020 zullen wij vervolgen of wij de KTO richtlijnen hebben ontvangen van Hester Daelmans. Daarnaast zal geëvalueerd worden of de verbeterpunten zijn opgepakt per KTO locatie middels een KTO-lunch.  
Financieel
Hieraan zijn geen kosten verbonden. 
Evaluatie
In 2020 zal geëvalueerd worden of de verbeterpunten zijn opgepakt. Mocht dit niet zijn opgepakt, dan zal worden geëvalueerd waarom niet.

Verantwoordelijk bestuurslid: Vazula Bekkers en Shaya Mahadew

Onderwijskwaliteit

Profileringsjaar

Huidige situatie
Het profileringsjaar, doorgaans het derde jaar van de masterfase, kenmerkt zich door de wetenschappelijke stage, semi-artsstage en het keuze-coschap. Middels deze stages is het de bedoeling dat coassistenten de mogelijkheid hebben om zich meer te verdiepen in bepaalde specialisaties met het oog op hun toekomst als arts. Het profileringsjaar kan door de coassistenten helemaal zelf opgesteld worden. Aan het begin van het masterprogramma worden de coassistenten geïnformeerd over de procedures en deadlines omtrent het regelen van de stages. Om ervoor te zorgen dat coassistenten geen problemen ondervinden, zullen deze stages ook geëvalueerd moeten worden. 
Doelstellingen
Informatieverschaffing omtrent het profileringsjaar optimaliseren. Het inventariseren van de knelpunten omtrent het regelen van de wetenschappelijke stages, keuze-coschappen en semi-artsstages. 
Realisatie
Middels een enquête en eventueel op het CGV willen wij inventariseren of er genoeg informatie te vinden is voor de coassistenten omtrent het profileringsjaar. Wij willen dit jaar in ieder geval 1 co-lunch organiseren voor de semi-artsen en keuze-coassistenten op locatie. De binnengekomen verbeterpunten zullen worden teruggekoppeld aan de locaties. In het kader van de alliantie willen wij ook voor de semi-artsen die hun stage in het AMC lopen verbeterpunten inventariseren middels een co-lunch.
Financieel
Er zullen geen kosten aan dit beleidsplan verbonden zijn.
Evaluatie
Kleine geschillen, binnengekomen ideeën en/of verbeterpunten zullen direct aan de locaties teruggekoppeld worden. Grote problematiek zal worden overlegd met Hester Daelmans, de coördinatoren van de semi-artsstages en keuze-coschappen en eventueel het IOO. Eind 2020 zal worden geëvalueerd of het doel welke wij voor ogen hadden dit jaar behaald is. Mocht ons doel niet behaald zijn, dan zal worden geëvalueerd waarom dit niet bereikt is. 

Verantwoordelijk bestuurslid: Shaya Mahadew

Persoonlijke ontwikkeling

Persoonlijke ontwikkeling in de masterfase 

Huidige situatie
Op dit moment heerst er een grote werkdruk bij coassistenten en is burn-out geen onbekend probleem. Er zal worden gekeken naar de werkdruk die wordt opgelegd door opleiding, maar hiernaast wordt er niet gekeken naar hoe de coassistent om kan gaan met deze druk. De medische psychologie is bezig met het implementeren van enkele practica tijdens het VCP welke gaan over assertiviteit van de coassistent en hoe om te gaan met introvertheid of extravertheid van de coassistent. Echter wordt er al vanuit gegaan dat de coassistent precies weet wie hij/zij is, hoe hij/zij met problemen omgaat en hoe hij/zij zich uit op de werkvloer, terwijl er nog geen ervaring is en veel coassistenten hier nooit over hebben nagedacht. 
In 2019-2 is er overlegd met Ursula Klumpers, A Broader Mind en Academy Coaching. Ursula Klumpers is bezig met het maken van een nieuwe leerlijn Professionele Ontwikkeling waar vanuit de studenten nog is benadrukt dat persoonlijke ontwikkeling zeker een rol speelt. A Broader Mind en Academy Coaching bieden allebei niet een passend pakket voor coassistenten wat wij zoeken, of het is te duur. 
Doelstellingen 
Door beter stil te staan bij de persoonlijkheid van een coassistent, door middel van een test of een gesprek met een medische psycholoog, kan een coassistent erachter komen waar zijn/haar valkuilen liggen en hoe hij/zij hier het beste mee om kan gaan. Hierdoor kan ook stil worden gestaan bij het herkennen van een toekomstige burn-out en preventieve maatregelen hiervoor. 
Realisatie
Actief betrokken blijven bij de het ontwikkelen van de nieuwe leerlijn Professionele Ontwikkeling zodat hier voldoende aandacht komt voor persoonlijke ontwikkeling. Vanuit de Co-Raad zal ook samen met de SR van het AMC een overzicht gemaakt worden van de reeds bestaande cursussen over het bevorderen van de mental health van de coassistent. Denk hierbij aan trainingen van het CREA van de UvA of de assertiviteitscursus van het griffioen. Deze initiatieven zullen dan gepromoot worden onder de leden. Met de blik op de toekomst zal er ook gekeken worden of het mogelijk is voor de Co-Raad om een soortgelijk evenement/masterclass te organiseren, en wat de uitvoering hiervan zal zijn. Dit zal echter door de goed gevulde halfjaarsagenda van 2020-1 niet op korte termijn plaatsvinden.
Daarnaast zal er ook nagegaan worden of er een wens is voor extra intervisiemomenten, denk tijdens gynaecologie en neurologie, tijdens de coschappen. Dit zal als doel voor ogen hebben om een extra uitlaatklep te geven aan de coassistent. 
Financieel
Voor de overige onderdelen van dit beleidsplan is geen financiële hulp van de Co-Raad nodig. 
Evaluatie
Evaluatie van de integratie van persoonlijke ontwikkeling binnen het nieuwe curriculum zal pas kunnen plaatsvinden zodra dit is gestart. Wat betreft de toegevoegde waarde van het promoten van reeds bestaande initiatieven aangaande de mental health: De coassistenten die via de Co-Raad hebben meegedaan aan de trainingen/cursussen benaderen en vragen of zij de trainingen als nuttig hebben ervaren. 

Verantwoordelijk bestuurslid: Bas van Wijk

Mentorschap tijdens coschappen

Huidige situatie
Tot nu toe is gebleken dat niet elke coassistent bij een coschap een begeleider/mentor heeft. Reeds is er een plan opgesteld en in overleg met Hester Daelmans naar de coschap coördinatoren gestuurd. Zie voor meer informatie het halfjaarverslag van 2019-1. 
Doelstellingen
Een betere begeleiding en kijk op het leerproces van een coassistent op locatie door middel van een vaste begeleider per coassistent. Incl openingsgesprek, tussenbeoordeling en eindbeoordeling.
Realisatie
In het CGV van december is gepeild of het mentorsysteem op meer coschap locaties wordt gebruikt naar aanleiding van het plan dat is verstuurd naar alle coschap coördinatoren. Nog niet op alle locaties bleek het mentorsysteem bekend. Tijdens de kleinere coschappen was dit wel het geval. Als tip werd gegeven dat arts-assistenten beter een mentor kunnen zijn omdat deze dichter bij de coassistent staan. Dit is besproken met mevrouw Daelmans. 16 januari zal aan haar gevraagd worden of er iets met deze tip vanuit coassistenten gedaan is. 
Financieel
Hiervoor zijn geen financiële middelen vanuit de Co-Raad nodig.
Evaluatie
Tijdens een BV bespreken hoe we meer bekendheid van mentorsysteem kunnen genereren.  Bespreken of een arts-assistent beter mentor kan worden ipv specialist. Dit terugkoppelen op  16 januari aan Hester Daelmans. 

Verantwoordelijk bestuurslid: Vazula Bekkers

Didactiek in de kliniek

Huidige situatie
Tijdens de master geneeskunde is er op dit moment weinig ruimte voor masterstudenten om zich didactisch te ontwikkelen. Kennisoverdracht is één van de belangrijkste onderdelen tijdens een verdere carrière als arts, hetzij aan coassistenten of aan arts-assistenten. Om de kwaliteit van de kennisoverdracht te waarborgen is het belangrijk dat artsen in staat zijn om op een goede manier hun kennis te kunnen overdragen. Echter is er op dit moment geen centraal didactisch onderwijs in de master, wat ontzettend jammer is.  
Ontwikkelingen in 2019: Naar aanleiding van verschillende gesprekken met Anita Jacobs is er een keuze-coschap van 8 weken ontwikkeld (Studenten Onderwijs Kwalificatie - StOK), welke nadruk legt op de didactische ontwikkeling van masterstudenten. In september 2019 werd de keuze co-schap StOK voor het eerst aangeboden aan coassistenten. Het eerstvolgende startmoment van deze keuze co-schap zal februari 2020 zijn. 
Doelstellingen
Zorg dragen voor meer ruimte voor didactisch onderwijs, onder andere door actief mee te denken in het ontwikkelen van een didactisch onderwijsprogramma voor coassistenten.
Realisatie
Zitting nemen in de ontwikkeling van het onderwijsprogramma. In 2020 willen wij de  keuze-coschap, zoals deze nu wordt aangeboden, evalueren en deze feedback terugkoppelen aan de StOK coördinator. Daarnaast willen wij met dr. Abel Thijs in overleg over verdere didactische mogelijkheden tijdens de masterfase.
Financieel
Vanuit de Co-Raad zijn hier geen financiële belangen mee gemoeid.
Evaluatie
Vorderingen zullen ter sprake worden gebracht bij de bestuursvergadering. Naar aanleiding hiervan zullen we beoordelen of de doelen die wij nastreven wat betreft de didactiek in de kliniek voldoende gehaald worden. Daarnaast bestaat de mogelijkheid om eventuele plannen voor te leggen en te bespreken in een CGV en hierop feedback te verkrijgen over de ideeën.

Verantwoordelijk bestuurslid: Shaya Mahadew

Diversiteit in de master

Huidige situatie
In de bachelor is ons inziens veel oog voor diversiteit. Zo is er een commissie genaamd DOCS, onderdeel van een van de commissies van de MFVU. Deze commissie houdt zich bezig met culturele-, gender-, en religieuze diversiteit. Ook zijn er in de bachelor practica die gaan over bijvoorbeeld culturele diversiteit.  Helaas komt in het huidige curriculum van de master Geneeskunde het thema diversiteit weinig tot niet terug. Dit terwijl diversiteit ook in de master natuurlijk een grote rol blijft spelen niet alleen in de kliniek maar ook tijdens het onderwijs. 
Doelstellingen
Meer oog voor diversiteit in de master Geneeskunde, knelpunten inventariseren en nadenken over mogelijke oplossingen in de toekomst. 
Realisatie

  1. Kennismaking met DOCS, waarin wij onze visie willen delen met hen en mogelijk een relatie met hen aan kunnen gaan zodat diversiteit ook meer naar voren komt in de master. 

  2. Inventariseren over eventuele knelpunten in het masteronderwijs, denk hierbij aan mammae-onderzoek dat masterstudenten op elkaar dienen te oefenen ter voorbereiding op de kliniek. Deze inventarisatie zal plaatsvinden tijdens een enquête, gesprek met DOCS en onze CGV-ers. Deze inventarisatie terugkoppelen aan het IOO.

Financieel
Er zullen geen kosten aan dit beleidsplan verbonden zijn. 
Evaluatie
Aan het eind van het jaar evalueren bij coassistenten of ze vinden dat er meer aandacht is voor diversiteit tijdens het onderwijs en daarbuiten (bijvoorbeeld d.m.v. een enquête via instagram). 

Verantwoordelijk bestuurslid: Vazula Bekkers

Academische vorming

Academische vorming & KTO-terugkomdagen

Huidige situatie
Tijdens het KTO vindt er eens per week een zogenoemde ‘terugkomdag’ plaats. Hier wordt onderwijs gegeven in collegevorm, waarbij getracht wordt relevante onderwerpen voor dat coschap nogmaals uiteen te zetten. In de praktijk blijken deze terugkomdagen echter wat rommelig te verlopen. Artsen en artsen in opleiding komen niet altijd met een voorbereid verhaal en de inhoud van de colleges is soms iets wat al vaak aan bod is gekomen in eerder onderwijs. Het niveau van het onderwijs ligt rond het niveau van de bachelor en mist vaak een wetenschappelijk kader.
Onder universiteiten is er geïnventariseerd wat studenten vinden van de academische vorming binnen de master. Door studenten van de VU werd dit niet goed beoordeeld. Het academisch vormen van studenten behoort niet tot de kernpunten van de KTO-terugkomdagen, terwijl deze dagen daar goed voor gebruikt kunnen worden. In overleg met mevrouw Daelmans kwam naar voren dat zij al bezig is met het verbeteren van de academische vorming binnen de master. Er zal een denktank opgericht worden waar wij als Co-Raad ook deel van uit mogen maken om onze input te geven. 
Doelstellingen
Als arts zul je tijdens de rest van je carrière te maken blijven hebben met wetenschap en de academie. Een deel zal zelf onderzoek gaan doen en wellicht promoveren, een ander deel zal uitkomsten van onderzoeken lezen en interpreteren om een zo goed mogelijke arts te worden. De master zou een plek moeten zijn om de toekomstig artsen hierop voor te bereiden en te prikkelen. De KTO-terugkomdagen zouden een mooie plaats zijn om dit te doen. Door een wetenschappelijk kader rond deze dagen te vormen komen de studenten in de master meer in aanraking met de wetenschap en het belang binnen de geneeskunde hiervan. Binnen dit wetenschappelijk kader is er ruimte voor onderwerpen die aansluiten op het komende coschap. 
Realisatie
Om dit te realiseren moet er eerst nagedacht worden over de vormgeving van het wetenschappelijk kader. Bij de inventarisatie van de beoordeling van academische vorming binnen de master per universiteit bleek dat de studenten van de Erasmus universiteit als enige een positief oordeel gaven. Om inspiratie op te doen voor onze versie van academische vorming in de master kan er gekeken worden naar de invulling hiervan door de Erasmus universiteit. De VU heeft momenteel al contact met het Erasmus hierover en het zou mooi zijn als wij ons als Co-Raad hier ook in kunnen mengen. Door plaats te nemen in de denktank kunnen we onze stempel drukken op de hervormingen van de KTO-dagen en de rol van academische vorming hierin. 
Financieel
Geen financiële hulp van de Co-Raad
Evaluatie
Het tot een hoger academische niveau tillen van de KTO-terugkomdagen zal wat tijd kosten en het evalueren hiervan kan daardoor wel even duren. Het feit dat de VU zelf al bezig is met plannen om de dagen een nieuwe invulling te geven is positief, maar hoe snel dit gaat is moeilijk te voorspellen. Tijdens de denktank kan er gekeken worden naar de visie van andere betrokkenen en of dit strookt met wat wij belangrijk vinden. Wat wel al eerder geëvalueerd kan worden is in hoeverre er stappen gemaakt worden en onze rol daarin. 

Verantwoordelijk bestuurslid: Vazula Bekkers en Shaya Mahadew

Voorbereiding voor Wetenschappelijke stage 

Huidige situatie 
Op dit moment is er geringe voorbereiding op je wetenschappelijke stage, echter is er in onder andere het CGV wel gebleken dat hier vraag naar is. Er is in 2019-1 overleg geweest met Jos Twisk, die een plan heeft opgesteld wat uiteindelijk niet realiseerbaar was. In 2019-2 is er overlegd of er een masterclass georganiseerd kan worden dat zal gaan over een onderwerp binnen wetenschappelijk onderzoek. Hiermee stemt Jos Twisk in, hij wilt dat de studenten een onderwerp aandragen van tevoren. Ook hebben we een gesprek gehad met Tommy Pattij, de nieuwe coördinator van de academische leerlijn. Tijdens het gesprek hebben wij gebrainstormd over hoe wij studenten kunnen voorbereiden op de wetenschappelijke stage. Hierin is o.a. besproken: een wetenschappelijk kader toe te voegen aan de KTO-terugkomdagen en de symposia, een andere vormgeving van de essays, een e-learning ter voorbereiding op de wetenschappelijke stage met de basics en een inloopspreekuur voor complexere vragen. Ook zijn er plannen voor een ‘skillslab’ waarover contact is geweest met Yu Lam, projectmedewerker hiervan. Hier zijn nog geen concrete plannen over, het idee is dat masterstudenten met de skillslab meer klinische vaardigheden kunnen trainen die men mist tijdens het VCP/KTO.
Doelstellingen
Studenten meer voor te bereiden op wetenschappelijk onderzoek, wetenschappelijk schrijven, academische vorming en hierdoor meer te kunnen halen uit een wetenschappelijke stage. 
Realisatie
De Co-Raad heeft zoals bekend een adviserende rol. Wij kunnen helpen meedenken over hoe de betere voorbereiding te realiseren is en hier regelmatig contact over onderhouden met Jos Twisk en Tommy Pattij, dit is dan ook met hen afgesproken. Wij houden contact over de stand van bovenstaande zaken, ook. De Co-Raad kan studenten wijzen op de e-learnings en beknopte overzichten over SPSS en waar ze terecht kunnen bij individuele vragen. Ook zullen we tijdens een van de CGV’s inventariseren over welke onderwerpen de coassistenten graag een masterclass willen hebben zodat wij dit kunnen terugkoppelen aan Jos Twisk. 
Financieel
Geen financiële hulp van de Co-Raad, waarschijnlijk wel vanuit de masteropleiding voor vragenuur/e-modules. 
Evaluatie
Indien het plan wordt geïmplementeerd kunnen wij  bij de leden evalueren hoe dit wordt ervaren.

Verantwoordelijk bestuurslid: Vazula Bekkers

Alliantie VUmc & AMC tot Amsterdam UMC

Alliantie AMC & VUmc

Huidige situatie
Sinds 2018 zijn het VUmc en het AMC druk bezig met het vormen van een alliantie, namelijk het Amsterdam UMC. Dit houdt in dat er veel zorg gelateraliseerd gaat worden en dat er afdelingen zullen verdwijnen en afdelingen toe zullen nemen in omvang. In de eerste wave zijn de kinder IC, orthopedie, dermatologie en MMI naar het AMC verplaatst. Oogheelkunde en longgeneeskunde zijn nu in het VUmc gehuisvest. Eind november 2019 heeft er een tweede wave plaatsgevonden. In deze wave zijn de afdelingen nefrologie, benigne gynaecologie en klinische reumatologie naar het AMC gelateraliseerd. Daar tegenover is maag- en slokdarm oncologie binnen het VUmc ondergebracht. Voor de coassistenten van het VUmc zou dit betekenen dat er een aantal onderdelen van de coschappen op de locatie VUmc zullen verdwijnen en dat er eventueel stages gelopen zullen worden op de locatie AMC. In 2019 is er nauw contact onderhouden met Hester Daelmans, Abel Thijs en Jan de Wolde omtrent de alliantie, zie ook jaarverslag 2019-1 en 2019-2. Tot slot heeft de Co-Raad in het kader van de alliantie in 2019 een samenwerking met de Studentenraad en Student-Assessor van het AMC geïnitieerd. Binnen deze samenwerking zullen er periodieke overleggen plaatsvinden waarin het reilen en zeilen van de alliantie besproken kan worden. Problemen kunnen aan elkaar voorgelegd worden en er kan samen naar oplossingen gekeken worden.
Doelstellingen
Garantie voor coassistenten dat er een alternatieve locatie kan worden aangeboden in het geval van het verdwijnen van een afdeling. Tijdige informatieverschaffing aan coassistenten betreft de nieuwe locatie van een coschap n.a.v. alliantie. Evaluatie van coschappen in het AMC en VUmc na de wave voor verbeterpunten.
Realisatie
In 2020 zullen wij als Co-Raad nog steeds ontvankelijk zijn voor klachten betreffende de alliantie vanuit de coassistenten. Dit willen wij realiseren middels co-lunches voor o.a. semi- artsen en voor de coschappen interne geneeskunde, gynaecologie, kindergeneeskunde in het AMC. Voor de komende wave is het belangrijk contact te houden met Hester Daelmans en de verantwoordelijke coschap coördinatoren betreffende de coschappen interne geneeskunde, kindergeneeskunde en gynaecologie. Tijdens een overleg met Hester Daelmans zullen wij kijken wat de stand van zaken is. Tevens zal er worden samengewerkt met de Co-Raad UvA en studentenraad om gezamenlijk overzicht te creëren welke klachten er binnen komen, via een gedeeld document op de Google Drive. Samen met de opleidingscommissie zal er overleg plaatsvinden over de visie van de alliantie en welke rol wij hierin kunnen spelen.
Financieel
Er is voor dit beleidsplan geen financiële hulp nodig van de Co-Raad. De lunch zal worden bekostigd door de locaties, evenals het beschikbaar stellen van een ruimte.
Evaluatie
Aan de hand van de binnengekomen klachten van coassistenten zal geëvalueerd worden of de tweede wave goed is verlopen en zal er teruggekoppeld worden aan Hester Daelmans en desbetreffende coschap coördinatoren.

Verantwoordelijk bestuurslid: Shaya Mahadew

Nieuw curriculum

Meedenken vormgeven nieuwe mastercurriculum

Huidige situatie
Het huidige master curriculum is opgesteld in 2015, en achter de schermen zijn de verschillende onderwijsorganen bezig met het opstellen van het nieuwe curriculum. Hiervoor zullen er vanaf september verschillende brainstormsessies/vergaderingen plaatsvinden. Christa Boer heeft aangegeven dat zij graag de Co-raad meeneemt in deze overleggen om mee te denken over het nieuwe mastercurriculum. In 2019-1 is de Co-Raad al betrokken geweest bij enkele bijeenkomsten over het nieuwe curriculum waar wij de nadruk hebben kunnen leggen op datgeen wat voor de coassistent belangrijk is. Denk hierbij aan persoonlijke ontwikkeling, academische vorming en burn-out preventie.
Doelstellingen 
Het bijwonen van de eerder genoemde brainstormsessies en vergaderingen en hierin de mening en belangen van de coassistenten te vertegenwoordigen. Hierbij zal er ook gestreefd worden naar een situatie waarin de coassistenten (M15 en het nieuwe curriculum) zo min mogelijk last hebben van de overgangsfase naar het nieuwe curriculum. Denk hierbij aan het zo kort mogelijk houden van de wachttijd voor de coschappen en ernaar streven dat de studenten op een van hun opgegeven intake-momenten kunnen starten.  
Realisatie
Door feedback te verzamelen van de coassistenten middels KTO- en co-lunches, het CGV, het masterforum en middels enquêtes, gaan wij een zo duidelijk mogelijk beeld te creëren van wat er op dit moment goed en minder goed gaat in het huidige curriculum. Deze informatie zal meegenomen worden in de overleggen over de vormgeving van het nieuwe curriculum.
Daarnaast worden er reeds na ieder coschap evaluatieformulieren naar coassistenten toegestuurd vanuit de opleiding. Er zal er een verzoek ingediend worden bij de opleiding om meer inzage te krijgen in die evaluatieresultaten. Op dit moment ontvangt de Co-Raad deze resultaten eenmaal per jaar. Verzocht zal worden om dit van eenmaal naar viermaal per jaar te veranderen. Het doel hiervan is om de informatie behapbaarder te maken en, als dit nodig is, hier eerder actie op te kunnen ondernemen. Resultaten hieruit zal de Co-raad tevens meenemen in de gesprekken over het nieuwe curriculum.
Het bijwonen van het IMS geeft ook de mogelijkheid om eventuele problemen binnen het huidige curriculum voor te leggen aan de andere Medische Faculteiten in Nederland. Dit biedt de mogelijkheid om van de ervaring van andere faculteiten te leren en deze mee te nemen in het opstellen van het nieuwe masteronderwijs.
Financieel
Voor dit beleidspunt is geen financiële bijdrage nodig. 
Evaluatie
Het evalueren van de het nieuwe curriculum in de masterfase zal in dit jaar helaas niet mogelijk zijn. Dit zal pas kunnen als het nieuwe curriculum voor de masterstudenten ingevoerd is. Het zal in die periode belangrijk zijn om de bestaande evaluatie momenten (o.a. de co-lunches en CGV) te behouden. Hier zal dan ook apart gevraagd worden naar de ervaring van de coassistenten over de overgangsfase en of zij op een van hun opgegeven intake momenten zijn gestart. 

Verantwoordelijk bestuurslid: Bas van Wijk

Evalueren farmacologie onderwijs in de masterfase

Huidige situatie
Op dit moment zijn er verschillende momenten dat er farmacologie-onderwijs wordt gegeven in de masterfase. Tijdens het VCP zijn er drie lesmomenten farmacologie en tijdens de KTO terugkomdagen meestal een. De inhoud van deze lessen zijn in het VCP veelal herhaling van onderwerpen die in de bachelor aan bod zijn gekomen. 
Doelstellingen 
Het in kaart brengen van de behoefte aan meer/minder/gelijke hoeveelheid farmacologie-onderwijs middels bijvoorbeeld het CGV. Daarnaast eventueel optimaliseren van het farmacotherapie-onderwijs in de masterfase door advies te geven naar aanleiding van onze evaluatie. 
Realisatie

  • Fase 1 (t/m 3 dec 2019):
    Hierin wordt contact gelegd met de sectie farmacotherapie (Jelle Tichelaar). De Co-Raad en sectie Farmacotherapie zal rond de tafel gaan zitten om vragen en of stellingen te bedenken die aan het CGV gepeild kunnen worden. Hier kunnen ook eventueel nieuwe plannen van de sectie farmacologie omtrent het onderwijs in de nieuwe master gepolst worden. 
  • Fase 2 (4 dec 2019): 
    Tijdens het CGV zal het farmacotherapie onderwijs aan de hand van de eerder opgestelde stellingen geëvalueerd worden door de coassistenten. Hierbij kan er ook een medewerker van de sectie farmacotherapie aanwezig zijn (wie en of dit gaat gebeuren n.n.t.b.). 
  • Fase 3 (5 dec t/m -)
    Mochten er uit de evaluatie verbeterpunten komen die in het huidige curriculum ingevoerd kunnen worden, dan zal dit naar de sectie farmacotherapie teruggekoppeld worden. Eventuele nieuwe ideeën voor het nieuwe curriculum zullen door de sectie farmacotherapie/de Co-Raad meegenomen worden in de bijeenkomsten over het nieuwe curriculum. Mochten er veranderingen in het huidige worden doorgevoerd dan zal dit ongeveer ½-1 jaar na invoering geëvalueerd worden op een CGV.

Financieel
Voor dit beleidspunt is geen financiële bijdrage nodig.
Evaluatie
Initieel zal er een evaluatie van het huidige farmacologie-onderwijs plaats moeten vinden. Dit is iets wat in dit jaar gerealiseerd kan worden. Mochten er veranderingen in het farmacologie-onderwijs doorgevoerd gaan worden dan zullen deze door middel van het CGV, KTO-/co-lunches en in de evaluatieformulieren van de coschappen geëvalueerd worden. 

Verantwoordelijk bestuurslid: Bas van Wijk